|
|
| 1. | Neem de sleutel uit het contact, ook al is het maar voor even. Sluit altijd af. |
| 2. | Laat bij het verlaten an de auto, het stuur in het stuurslot vallen. |
| 3. | Haal de radio of het 'frontje' uit de auto. Verstop deze niet in de auto. |
| 4. | Laat geen kostbaarheden achter in de auto. |
| 5. | Laat ook geen andere zaken zoals booschappentas en kleding achter. |
| 6. | Toon dat u niets waardevols verbergt. Laat het dashbordkastje open. |
| 7. | Gebruik een afsluitbare tankdop om diefstal van brabdstof te voorkomen. |
| 8. | Kies, zo mogelijk, voor een bewaakte parkeerplaats. |
| 9. | Parkeer op een goed verlichte plaats. |
| 10. | Dek een lege laadruimte van een stationcar niet af. |
| 11. | Noteer merk-, serie- en typenummers van radio, cd-speler, etc. |
| 12. | Gebruik voor het merken van uw bezittingen uw postcode en huisnummer. Maak bij een eventuele verhuizing de oude code niet onleesbaar. |