|
|
| 1. | Laat je vooraf informeren over de onderwijsvorm. Vraag om voorlichting met een interactieve demonstratie (quick tour) |
| 2. | Zorg ervoor dat je weet hoe je de cursus moet gebruiken. Zoek vooraf uit welke computervaardigheden (Powerpoint-presentaties, Excel-sheets) van je worden verwacht. |
| 3. | Zeker voor degenen die niet dagelijks digitaal bezig zijn: zorg ervoor dat je computer aan de noodzakelijke vereisten voldoet. Controleer niet alleen de systeemprestaties van het kastje, maar ga ook na of je bijvoorbeeld een snelle internetverbinding hebt. |
| 4. | Een voordeel van e-learning is dat je aan de slag kan op momenten dat het jou uitkomt. Maar toch: prik een tijdstip om aan de opdrachten te werken en reserveer bijvoorbeeld twee uuur per week voor studietijd. |
| 5. | Vermijd afleiding en onderbrekingen (e-mail, internet). Stel vooraf een tijd vast hoe lang je gaat studeren. |
| 6. | Stel tussentijdse doelen voor jezelf vast en hou je daar aan. Prik deadlines voor jezelf. |
| 7. | Print lange stukken tekst uit, in plaats van ze te lezen vanaf je beeldscherm. Lezen vanaf papier belast je ogen minder. |
| 8. | Kantoorwerkers die al de hele dag naar een beeldscherm moeten turen, zitten vaak niet te wachten op extra digitale lessen. Zorg daarom in elk geval voor voldoende pauzes en een goede zithouding achter de computer om problemen aan nek, armen, en schouders te voorkomen. Probeer na elk uur computerwerk tien minuten pauze te nemen. Eventueel aangevuld met lichamelijke oefeningen. |
| 9. | Houd tijdens de cursus contact met de cursusleider. Schroom niet hem of haar te bellen of te e-mailen als je hulp nodig hebt. |
| 10. | Zoek iemand (of een groep mensen) die dezelfde cursus volgt en zet via e-mail of chat een studiegroep op. Deel je ervaringen met anderen; ook discussie maakt deel uit van het leerproces. Samen weet je meer en zo kan er verdieping komen op de leerstof. Het hele leerproces wordt hierdoor interactiever. De trend is sowieso dat cursussen op het gebied van e-learning worden gekoppeld aan weblogs, chatrooms en sociale netwerken zoals Hyves, zodat digitale gemeenschappen ontstaan. |
| 11. | Bron: Algemeen Dagblad, 29 september 2007. |